Terugblik op de Nationale Herdenking 15 augustus 1945 in Houten

Op vrijdag 15 augustus stond Houten stil bij het einde van de Tweede Wereldoorlog in Azië, dit jaar precies 80 jaar geleden.

Het verleden is een voorbije werkelijkheid. Die telkens opnieuw een plaats moet krijgen in het heden. Herdenken houdt ons betrokken bij het verleden. Door de generaties heen. – Otto George Ward (1921-2013)

Nederland kent drie nationale herdenkingen. De Nationale Dodenherdenking op 4 mei. De Holocaust-herdenking op de laatste zondag in januari. En de Nationale Herdenking 15 augustus 1945. Op 15 augustus 1945 capituleerde Japan en kwam de Tweede Wereldoorlog officieel ten einde. Op die dag herdenken we in Nederland alle slachtoffers van de Japanse bezetting van het voormalig Nederlands-Indië/Indonesië en het einde van de Tweede Wereldoorlog in Azië, dit jaar 80 jaar geleden.

19:00 – 19:45 uur: Lezing Pieter Ward

De avond begon met een lezing van Pieter Ward in restaurant De Engel. Voor een gehoor van ruim honderd belangstellenden vertelde hij het verhaal van zijn vader, Otto George Ward, radiotelegrafist-boordschutter bij het 18e Netherlands East Indies squadron. Otto George Ward vloog tijdens de oorlog 41 missies boven de Pacific en wijdde na zijn pensionering zijn leven aan het vastleggen en doorvertellen van deze vaak vergeten geschiedenis. Na zijn overlijden in 2013 nam zoon Pieter deze taak over. “Het in herinnering houden van de vele Nederlanders en Nederlands-Indische mannen en vrouwen, waarvan velen onder erbarmelijke omstandigheden gevangen zijn genomen of het niet hebben overleefd. Ook zij, die tijdens de Tweede Wereldoorlog in Zuidoost-Azië en kort daarna vochten voor onze vrijheid, koningin en vaderland. Een onbekend en niet onbelangrijk deel van onze Nederlandse geschiedenis,” aldus Ward.

19:45 - 20:30 uur: Herdenking op het Plein

Aansluitend vond op het Plein de herdenkingsplechtigheid plaats, bijgewoond door ruim 200 mensen. Muziekvereniging Kunst na Arbeid verzorgde de muzikale omlijsting en Houtense Veteranen vormden de erewacht. Na het blazen van de taptoe door Hans Simons volgde een indrukwekkende stilte. Ook de terrassen van De Zwijger en De Roskam en de ondernemers rond het Plein stonden op dit moment stil. Daarna werd het Wilhelmus gezongen en legden burgemeester Karen Heerschop en veteraan en comitélid Marcel Dagniaux een krans bij het monument.

In haar toespraak benadrukte burgemeester Heerschop het belang van deze dag: “Vandaag staan we stil bij een complexe geschiedenis. Niet om te oordelen, maar om te erkennen dat vrijheid niet voor iedereen tegelijk kwam.” Ze wees erop dat het doorgeven van verhalen van groot belang blijft nu de generatie die de oorlog meemaakte langzaam verdwijnt. “Verhalen die te lang onuitgesproken bleven moeten verteld blijven worden. Want alleen door te erkennen wat er is gebeurd, kunnen we samen verder – met respect, met waardigheid en met de belofte dat we blijven herdenken, luisteren en vertellen.” Volgens de burgemeester is 15 augustus “geen bevrijdingsdag in de traditionele zin, maar een dag van herinnering, erkenning en verbinding.” De volledige toespraak van de burgemeester is onderaan dit nieuwsbericht te vinden.

Een bijzonder en persoonlijk moment volgde met de bijdrage van de Houtense musicus en theatermaker Amber Nefkens. Zij zong vijf liederen over haar Indische oma, die tijdens de Japanse bezetting in een kamp verbleef. Met haar muziek bracht zij de herinnering en de veerkracht van haar familie dichtbij en gaf zij een stem aan een geschiedenis die vaak verborgen bleef.

De plechtigheid werd afgesloten door Pieter de Winter, voorzitter van het comité 4 en 5 mei Houten. Hij citeerde de woorden waarmee Pieter Ward zijn lezing had geopend: “Het verleden is een voorbije werkelijkheid. Die telkens opnieuw een plaats moet krijgen in het heden. Herdenken houdt ons betrokken bij het verleden. Door de generaties heen.” – Otto George Ward (1921-2013).


Foto's in dit nieuwsbericht van René van den Brandt en Annette Stolk-de Vries.

De bloemenkrans werd gemaakt door de jonge Houtenaar Guido Blokker (Flowers For Rent).

Verder lezen? Bezoek de website van Houtens Nieuws voor een interview met Pieter Ward en verslag van de herdenking.


Deze bloemenkrans werd gemaakt door de jonge Houtenaar Guido BLokker (Flowers for Rent)


Volledige toespraak burgemeester Karen Heerschop

Uitgesproken op 15 augustus 2025 bij de Nationale Herdenking 15 augustus 1945 op het Plein in Houten

Op deze dag, 15 augustus, exact 80 jaar geleden, kwam er een einde aan de oorlog in Azië. Met de capitulatie van Japan kwam ook een einde aan de Japanse bezetting van voormalig Nederlands-Indië, een bezetting die diepe littekens heeft achtergelaten in de levens van miljoenen mensen. Duizenden mannen, vrouwen en kinderen werden opgesloten in interneringskampen, de zogenoemde Jappenkampen. Zij leefden jarenlang met angst, ondervoeding, ziekte en geweld. We denken aan de kinderen die opgroeiden tussen prikkeldraad, zonder voldoende eten, zonder onderwijs, zonder ouders soms. Aan moeders die hun gezin bij elkaar probeerden te houden, zelfs wanneer ze zelf verzwakten. Aan vaders en aan de duizenden jonge Indonesische mannen (romusha’s) die werden afgevoerd naar werkkampen, waar ze onder onmenselijke omstandigheden dwangarbeid moesten verrichten. Velen keerden nooit terug. We denken aan burgers en militairen die tijdens de bezetting zijn omgekomen.

15 augustus markeert niet alleen het einde van de Tweede Wereldoorlog in Azië, maar is ook een kantelpunt in de geschiedenis van Indonesië. Want slechts twee dagen later, op 17 augustus, riep Soekarno de onafhankelijkheid van Indonesië uit. Voor velen betekende de bevrijding niet het begin van vrede, maar het begin van een nieuwe periode van geweld, onzekerheid en strijd. De jaren die volgden waren zwaar. De onafhankelijkheidsoorlog maakte opnieuw slachtoffers. Europese en Indische burgers, Nederlanders en Indische Nederlanders werden slachtoffer van geweld, ontvoeringen en moord. Velen leefden tussen hoop en vrees, tussen loyaliteit en verlies, tussen toekomst en afkomst.

Vandaag staan we stil bij die complexe geschiedenis. Niet om te oordelen, maar om te erkennen dat vrijheid niet voor iedereen tegelijk kwam. Om te erkennen dat het verleden nog altijd doorwerkt in het heden, in families, in herinneringen, in verhalen.

Verhalen die verteld moeten blijven worden zeker nu de generatie die de Tweede Wereldoorlog heeft meegemaakt langzaam verdwijnt.

Bij ons thuis aan tafel werd er regelmatig door mijn ouders over de oorlog verteld. Maar er waren ook gezinnen waar dat niet gebeurde. In het gezin van mijn echtgenoot bijvoorbeeld. Zijn moeder zat in de oorlog in een Jappenkamp. Zij kon daarover niet vertellen aan haar kinderen en zelfs niet aan haar man. Het was te moeilijk om erover te praten, ze had te veel meegemaakt. Pas veel later toen haar kleindochter, onze oudste dochter, ernaar vroeg kon zij het verhaal vertellen aan de hand van haar poëziealbum, met tekeningen en namen, dat ze had weten te redden uit het kamp. Ze vertelde haar kleindochter dat ondanks de ontberingen en wreedheden het dagelijks leven ook gewoon doorging. En dat ze zichzelf op de been hielden door soms wrange humor. Ze vertelde: ‘in de tuin van het kamp stond een Christusbeeld, aan de gespreide vingers hadden we waslijnen vastgemaakt en elke keer als we de was ophingen zeiden we tegen elkaar: ‘Jezus waak over ons wasgoed’. Ze moest er achteraf om lachen.

Mijn dochter heeft het poëziealbum van haar oma gekregen als tastbaar verhaal om door te geven aan de volgende generaties.

Na de bevrijding, ontdekten velen dat er niets meer over was van hun huis, hun wijk, hun oude leven. Zij vertrokken noodgedwongen naar Nederland. Hen wachtte geen warm welkom. Er was weinig begrip voor de pijn van wie uit Indië kwamen. Ze moesten maar gewoon ‘Nederlands’ worden, wat achter hen lag moest worden vergeten. En zo werd er jarenlang gezwegen.

Dat zwijgen heeft diepe sporen achtergelaten. In de generatie die het meemaakte en in de generaties daarna.

Ook de Molukse KNIL militairen die, na de onafhankelijkheid van Indonesië in 1949, naar Nederland werden overgebracht wachtte geen warm welkom. Ze kwamen hier als tijdelijk geplaatsten in de overtuiging dat hun verblijf in Nederland kort zou zijn. Wat volgde was een periode van onzekerheid, uitsluiting en vergeten. Ze hadden nauwelijks rechten of perspectief en werden ondergebracht in oude kampen. De belofte van een vrije Zuid-Molukken bleef onvervuld en het gevoel van ontheemding drukte zwaar op vele generaties.

Daarom is vandaag zo belangrijk.

Vandaag geven we ruimte aan die herinnering. Aan verhalen die te lang onuitgesproken bleven. Aan de kinderen van toen, die nu grootouders zijn en hun verhaal pas laat zijn gaan vertellen.

Laten we deze dag gebruiken om stil te staan, maar ook om te luisteren. Naar de verhalen die nog verteld moeten worden. Naar stille stemmen die gehoord willen worden.

We herdenken met respect voor de complexiteit van het verleden.

Daarmee is 15 augustus geen bevrijdingsdag in de traditionele zin, maar een dag van herinnering, erkenning en verbinding. Een dag die vraagt om herstel van historisch besef en om ruimte te geven aan meerdere perspectieven: Nederlands, Indisch, Moluks, Indonesisch.

Want alleen door te erkennen wat er is gebeurd kunnen we samen verder. Met respect, met waardigheid en met de belofte: dat we blijven herdenken, dat we blijven luisteren en dat we blijven vertellen.

Laat 15 augustus een dag zijn waarop we niet alleen terugkijken, maar ook vooruit. Want we zien ook vandaag in de wereld om ons heen hoe kwetsbaar vrijheid is en dat vrijheid en menselijkheid niet vanzelfsprekend zijn. Want vrijheid is geen bezit dat we eenmaal verwerven en dan voor altijd vasthouden. Vrijheid vraagt onderhoud. Aandacht. Moed.

Vrijheid betekent ook dat je mag verschillen van elkaar. En laten we juist in die verschillen de menselijkheid blijven zien. Want alleen dan, als we onze vrijheid verbinden aan verantwoordelijkheid, menselijkheid, solidariteit en respect dan krijgt herdenken werkelijk betekenis.

Vandaag dragen meer dan 50.000 mensen de Melati, de Indische Jasmijn. Het is het symbool van respect, betrokkenheid en medeleven. Het staat symbool voor het niet vergeten van een gedeeld verleden.